De rimpelroos

De overbekende roos die we tegenkomen in oudere plantsoenen, op middenbermen en langs afritten en, kortom, op heel wat andere plekken in openbaar groen, is de rimpelroos. Velen zullen deze roos dus al gezien hebben, maar wat weten we er over?

De rimpelroos werd einde achttiende eeuw geïntroduceerd in Europa uit tuinen in Japan en werd later ook verwilderd aangetroffen in andere regio’s in westelijk Azië. Men is niet zeker van de echte wilde vorm, vandaar de haakjes in de voorgaande zin. Dat komt omdat deze rimpelroos zeer gemakkelijk kruist met andere wilde rozen en de meeste vormen dus hybride van oorsprong zijn. In de gestandaardiseerde “wilde” vorm zijn de bladeren licht- tot middengroen, altijd ruw bij aanraking door de ingezonken nerven. De geurende bloemen zijn enkel en hebben veelal uitstekende zachtgele meeldraden in een bussel in het centrum van de bloem. Kleuren gaan van licht tot dieproze en zelfs tot diep kersenrood. De bottels zijn globulair, gewoonlijk dieprood en variabel in grootte.

Bloemen en bottels
De sterke, onderhoudsarme rimpelroos is interessant om de fijn geurende bloemen en de grote bottels. Deze laatste kennen we vooral als bron van vitamine C, acht keer zoveel als in kiwi’s en zelfs tot twaalf keer meer dan in sinaasappels. Geen wonder dat een firma als Roosvicee al sinds 1956 rozenbottels gebruikt in haar versterkende drankjes, waarmee vele lezers ongetwijfeld bekend zijn uit hun jeugd. Je kan ook zelf rozenbottels verzamelen en er allerlei jams, koekjes en taarten mee bereiden. Gezond en lekker! Wel opletten dat je eerst eventuele haren van de bottels eraf borstelt. Oogst de rozenbottels in tuinen en perken, maar zeker niet van struiken die vlak naast een autoweg groeien. Het gehalte aan schadelijke stoffen in de bottels hiervan is veel te hoog.
Ook de bloemblaadjes zijn bruikbaar op velerlei manieren. Ze worden ingezet in de parfumindustrie, ter bereiding van rozenwater, zijn lekker als versuikerde versnapering op koekjes en in salades, vormen een gewild bestanddeel van potpourri…

Lees het vervolg van deze reportage in het juninummer van Fence.

%d bloggers liken dit: