Fijne compost

Momenteel voeren we kruiwagens vol compost uit eigen tuin naar de beplantingen in de bloemperken en de teelten in de moestuin. Maar die compost moet gezeefd worden en vrij zijn van alle, nog niet volledig verteerde plantenresten.

Het zeven is van belang om aantasting van de bodemvruchtbaarheid te vermijden. Wanneer we onvoldoende verteerde organische materie onder de grond verwerken, wordt het proces waardoor deze elementen in humus worden omgezet door de micro-organismen in de bodem voortgezet. De energie die deze organismen hiervoor nodig hebben, halen ze uit de stikstofelementen waarmee ze zich voeden. De massale aanvoer van plantaardige resten kan dus een impact hebben die lijnrecht tegenover het nagestreefde doel staat. In plaats van de bodemvruchtbaarheid te verhogen, doen we tijdens meerdere weken precies het tegenovergestelde. Agronomen noemen dit fenomeen ‘stikstofarmoede of stikstofhonger’.

Onvoldoende verteerde compost kan alleen aan de oppervlakte gebruikt worden, als bodembedekker, aan de voet van de planten. Dankzij de aardwormen in het bijzonder gaat het verteringsproces langzaam verder, zoals in de natuur.