Maak van je tuin een vogelparadijs

Vogels houden van tuinen, zelfs van de kleinste. Maar zoals dat wel vaker het geval is, gaat de liefde door de maag. Met deze tips maak je van je tuin een echt paradijs voor de koolmees, huismus en vink. Wat je ervoor terugkrijgt is de moeite: vrolijk gefladder en verbluffende concerto’s.

Het leven van een vogel is nogal intens. Vogels hebben daarom lichaamstemperaturen van ruim veertig graden. En vliegen, dat vreet energie. Daarom zijn vogels voortdurend bezig om voedsel te vinden. Maar in de winter kan dat moeilijk zijn; de dagen zijn kort en de nachten lang. Vogels rammelen ’s morgens van de honger. Kleine vogels verliezen dan tot wel tien procent van hun lichaamsgewicht.

Hopelijk kunnen ze op dat moment terecht op jouw voedertafel. Want net dan krijg je de tuinvogels goed te zien. Al hun aandacht gaat op dat moment immers uit naar het zoeken van eten. Pak je het slim aan, dan komen ze zelfs tot vlak bij je raam. Vooral in de winter is regelmatig voederen belangrijk. Als het kwik plots een duik neemt, moeten ze weten waar er iets te rapen valt.

Het hele jaar voederen
Door vogels het hele jaar bij te voederen, vergroot je hun vitaliteit, monawaardoor er meer vogels de winter overleven, er meer kunnen gaan broeden, en er dus ook meer jonge vogels geboren worden. In elk seizoen hebben vogels behoefte aan voldoende voedsel en daarom kan je op elk moment tijdens het jaar beginnen voederen. Zeker in de winter, bij vorst of een dik pak sneeuw. Maar ook in het voorjaar. Dan zijn alle zaden inmiddels op en staat het broedseizoen weer voor de deur. De trekvogels hebben dan duizenden kilometers voor de boeg. Zelfs in augustus en september, de periode waarin ze hun veren vervangen (de rui) kunnen een aantal soorten een extra graantje gebruiken. Het is wel belangrijk altijd goed te overwegen wat je voedert in welk seizoen; vet alleen in de winter, in de zomer alleen natuurlijke voeding zoals granen en noten.

Een ijsje voor de dorst
Al dat eten, daar krijgt een vogel dorst van. Zorg voor schoon water. In de winter, bij vorst, kan je het vogelbad van tijd tot tijd vullen met lauw water. Leg er een stuk grofmazig gaas over om te voorkomen dat de vogels erin gaan baden en hun veren bevriezen. Ze mogen er alleen van kunnen drinken. Wil je voorkomen dat het water bevriest, los er dan een paar scheppen suiker in op. Je kan ze ook geschaafd of versplinterd ijs geven. Ligt er sneeuw of rijp, dan eten de vogels daar van.

Aan tafel!
Het centrum van een vogeltuin in de winter is de voederplaats. Daar plaats je de voedertafel, het voederhuisje of de voedersilo. Ze zijn te koop in alle soorten en maten. Het voordeel van een huisje of silo is dat er een dakje op zit, zodat het voer bij regen niet doorweekt geraakt. Het nadeel is dat niet alle vogels zo’n dakje prettig vinden. Op een voedertafel kunnen alle vogels makkelijk landen, goed om zich heen kijken en snel weer wegvliegen als het moet. Het is makkelijk er zelf één te maken van een stuk watervast multiplex. Met latjes maak je opstaande randen die voorkomen dat het voer er afrolt. In de hoeken laat je openingen vrij om regenwater af te voeren. Voor de gezondheid van de vogels is het van belang dat je de voederplank wekelijks schoonmaakt met heet water en een borstel. Zo verwijder je uitwerpselen, beschimmelde resten en allerlei vervelende bacteriën. Plaats het huisje of tafel op een open plek waar de vogels een goed overzicht hebben op de omgeving. Het liefst met een vluchtstruik in de buurt. Op een hoogte van anderhalve meter is de voedertafel doorgaans veilig voor springende katten. Acrobaten zoals mezen en spechten eten liever bengelend aan een vetbol of pindanetje. Daarnaast is er een uitgebreid aanbod aan allerlei hangende voedersilo’s, waaruit ze hun zaden en pinda’s kunnen peuteren. Door voederautomaten te gebruiken, geef je meeuwen en kraaien geen kans om grote hoeveelheden voedsel weg te kapen voor de snavels van andere vogels.

Het ideale vogelvoermenu
Voeder gevarieerd: beperk deegwaren en voorzie ook granen, nootjes of zelfs appels. Vetbollen alleen in de winter en aan een flexibele tak, buiten bereik van ratten en muizen. Smeer half gesmolten vet tegen de schors van een boom voor spechten en boomklevers. Leg de voederplaats in de buurt van één of meerdere vluchtwegen. Denk ook aan natuurlijk voedsel: plant enkele bessenstruiken in je tuin.

hoe vogelvriendelijk is jouw tuin