Natuurlijke middelen helpen een kruisweg te vermijden

In je tuin vertoeven is leuk. Af en toe maak je evenwel te veel écht deel uit van de natuur en zijn er organismen die het op je gemunt hebben. We hebben het dan niet over tetanus of allerlei vieze ‘microben’, wel over insecten die al eens durven te proeven van de ‘Homo sapiens’ en de mens zo het leven zuur maken.

Wespen zijn een voor de hand liggend voorbeeld. Ze durven al eens steken, maar enkel als je ze opslokt met je cola, erop gaat zitten of als een gek begint te slaan naar die geel-zwarte rakkers. Dazen bezorgen je dan weer een dikke ‘bobbel’, die dagenlang kan jeuken. En vergeet zeker de muggen niet, die na zonsondergang het napraten bij de koffie verstoren en zich tegoed doen aan ons al dan niet alcoholhoudende bloed.

Jeuk? Niet krabben!

Al deze ongemakken wegen niet op tegen het plezier van een tuin of terras. Anders wordt het wanneer de processierups zijn intrede maakt.

De brandharen van dit dier zorgen voor jeuk en krabben maakt het alleen maar erger. Maar laat ons wel wezen… processierupsen vallen geen mensen aan. Ze kunnen misschien wel eens een haar over enkele mm wegschieten, maar Hitchcock-scènes moet je niet verwachten. Spring dus niet in de vijver om er door een rietje of bamboestokje ademend te wachten tot de horde verdwijnt. Neen, het zijn vooral heel laaggelegen nesten op boomstammen of in het gras die zorgen voor het venijn, samen met brandharen die lustig in het rond vliegen wanneer je buurman een nest te lijf gaat met een bunsenbrander.

Bloembollen geheim wapen tegen eikenprocessierups (lees meer)

Geen nieuwe soort

Processierupsen kent iedereen ondertussen. We kennen ze vooral door hun trekgedrag, waarbij ze over de grond of op boomstammen in een ‘processie’ achter elkaar aan kruipen. Ze zijn vanaf april/mei niet uit de actualiteit te bannen, en bovendien lijkt het of er een nieuwe plaag is ontstaan.

Niets is minder waar. Al in de jaren 30 van de vorige eeuw vinden we persartikels terug die rapporteren over die vreselijke ‘jeukbeesten’ en bij het begin van de nineties zorgden de rupsen nog voor een krabbend Tourpeloton na een rit door de Noorderkempen. Het probleem is dus niet nieuw, maar neemt schijnbaar wel toe. De klimaatwijziging had immers een positief effect op de ontwikkeling van de rupsen, die vroeger in het voorjaar kunnen smullen van jonge blaadjes en daarbij ook nog profiteren van de drogere voorzomer.

Er wordt veel onderzoek gedaan hoe we die vermaledijde processierupsen kunnen intomen. Deskundigen gaan er ook van uit dat we ze niet moeten uitroeien, want dat is een onbegonnen taak. Bewust omgaan met deze ‘plaag’ is anderzijds wel aangeraden.

Vooreerst heeft het geen enkele zin om elk bos, park of natuurgebied aan te pakken om de nesten te verwijderen. Het verdelgen beperk je tot zeer specifieke plaatsen. We denken dan aan een rusthuis, ziekenhuis, kindercrèche, school, heel drukke fietsassen en misschien horecazaken met terrassen.

 

Haal er een kenner bij

Het verdelgen gebeurt bij voorkeur door een erkende en gespecialiseerde firma. Wegbranden is een oplossing, maar creëert het neveneffect dat de omgeving vergeven geraakt van de rondvliegende brandharen. Wie dit toch wil doen, moet zich goed beschermen met een afspuitbaar pak, een goede oogbescherming en een mondmasker. Met daarbij de bedenking dat je maar beter oplet dat je de boom of het bos niet in vlammen laat opgaan! Een betere techniek is het laten opzuigen, waarna de nesten naar een verbrandingsoven kunnen. Dan heb je én de rupsen én de spinsels en de brandharen mee.

Je kunt ook preventief laten spuiten. Hiervoor worden bacteriën ingezet die de spijsvertering van de rupsen in de war sturen. Alleen is er een probleem… dit preparaat doodt ook onvermijdelijk andere rupsen dan de processierups. Het gevolg is dat je lokaal de al verminderde biodiversiteit een zware slag toebrengt. Want minder rupsen betekent ook, bijvoorbeeld, minder voedsel voor de koolmezen. En laat nu net deze geelblauwe acrobaten één van de vijanden zijn van die gevreesde kruipdieren.

 

Biodiversiteit sleutel tot succes

Onderzoekers zijn er meer en meer van overtuigd dat het beheersen van de processierups een zaak is van het herstel van het ecosysteem. Sluipwespen, roofvliegen, roofkevers en misschien zelfs sociale wespen (daarover is nog geen bevestiging) vallen processierupsen aan. De koolmees, boomklever, kauw en koekoek blijken de jeukrups wel te lusten en ontwikkelen zelfs technieken om van die hinderlijke brandharen af te geraken.

Als tuinbezitter kan je een handje helpen om de biodiversiteit in de tuin te verbeteren. Ruil een stuk gazon in voor een hooilandje, leg een vogelbosje of kleine wildernis aan (in Nederland spreekt men inmiddels al van een ‘tuinyforest’) en zorg dat je insecten aantrekt en dus tal van vogels voedsel bezorgt. Voor de koolmezen en boomklevers kan je ook enkele nestkasten ophangen, zodat je het hen gemakkelijker maakt om voor nageslacht te zorgen. Die eten immers massa’s processierupsen.

Wat als de rupsen verpoppen tot nachtvlinders? Dan nog kunnen we er iets aan doen. Best wel zelfs, want de vlinders leggen eieren en daaruit komen…. Inderdaad. Zorg dus ook voor nestkasten voor vleermuizen. Verzorg die grote Amerikaanse eik goed en kap hem niet omdat er wat holtes in zitten. Je kunt met een feromoonval ook de imago’s – de vlinders dus – vangen, maar wellicht is dat eerder een druppel op een hete plaat.

Ik heb jeuk, wat dan?

De meeste mensen ervaren van de processierupsen wat irritatie, roodheid en jeuk. Krabben verergert de symptomen. Er zijn veel huis- en tuinmiddeltjes, maar de brandharen werken niet bepaald mee. Je kunt beter een goede jeukwerende crème bij je apotheek halen. In ergere gevallen raadpleeg je het beste de huisarts. Kreeg je brandharen in de ogen, wacht dan geen uur te lang en wend je tot een huisarts of spoeddienst in een ziekenhuis. In extreme gevallen moet er zelfs een oogoperatie uitgevoerd worden. De belangrijkste regels zijn evenwel dat je beter wegblijft van een nest en in juni en juli rondfietst met lange mouwen, na de wandelingen doucht en je wandelkledij in de wasmand dropt.

%d bloggers liken dit: